[Onderzoek] Youngworks: ‘Privacy is zo 2014!’
![[Onderzoek] Youngworks: 'Privacy is zo 2014!' 1 tinder](http://www.socialmediasocialmedia.nl/strategie_nieuws/wp-content/uploadsnieuwssocial/2015/06/tinder.png)
YoungWorks heeft hun trendteam gevraagd hoe zij denken over online privacy. Denken ze bewust na over wat ze van zichzelf delen op internet? Je leest het in de blog.
“We hebben het trendteam gevraagd hoe zij denken over online privacy. Denken ze bewust na over wat ze van zichzelf delen op internet? En vinden ze het eigenlijk erg dat bedrijven steeds meer over hen weten?”
‘Naar mijn mening is online privacy echt verleden tijd. Alles wat je op het internet doet laat sporen en informatie achter. Het is niet voor niks dat de grootste bedrijven Facebook en Google hun geld verdienen in het verkopen van onze privé gegevens. Ze volgen ons in alles wat we doen, ze lezen alles. Ze kennen ons beter dan onze eigen moeder. Dit zal in de toekomst alleen maar toenemen.’ – Daan
Redelijk relaxt ten aanzien van privacy
Er heerst binnen het Trendteam een redelijk ontspannen houding ten aanzien van privacy. Deze relaxte reactie is misschien ook niet vreemd als je bedenkt dat deze generatie jongeren als kind al keek naar ‘Big Brother’, dat zij niet beter weten dan dat er overal in de openbare ruimte camera’s hangen, en dat ze opgroeiden met Hyves, Partypeeps en vele andere sociale mediaplatforms. Teun (21): ‘Ik heb niks te verbergen, dus het boeit me niet zo veel. Ik maak me niet erg vaak druk over m’n online privacy; ik vind het prima dat Google precies weet in wat voor producten ik geïnteresseerd ben en dat Facebook m’n likes gebruikt om gericht op me te adverteren.’ Mauro (23) stemt hier mee in: ‘Voor de digitale generatie (waar ik zelf ook deel van uitmaak) lijkt het onderwerp geen issue te zijn. “Ik heb niets te verbergen” wordt dan gezegd.’
Ook voordelen
Bovendien biedt het ook voordelen als bedrijven steeds meer van je weten. Boyd (19): ‘Soms vind ik het irritant als mijn iPhone tot vervelens aan toe vraagt of hij toegang mag tot microfoon, locatie, of fotoalbum. NATUURLIJK! Anders had ik die apps niet geïnstalleerd. Als je eenmaal deze opties doorlopen hebt vind ik het heerlijk als dat apparaat dingen van mij al weet, zoals mijn adres, locatie, welke route ik elke dag reis en wat ik graag eet. Merken/bedrijven mogen dingen van mij weten als zij mij beloven dat mijn leven daar makkelijker en leuker van wordt. Zoals Albert Heijn nu met de BONUS kaart doet: aanbiedingen op maat.’
Voorzichtiger met wat je zelf deelt
Weten wat je koopt is één ding, hoe denken ze dan over het uit jezelf online delen van persoonlijke informatie? Het lijkt of grenzen ook hier vervagen. Jolijn (24): ‘Vroeger werd de vuile was amper buiten gehangen uit schaamte en het ging niemand wat aan en tegenwoordig zet iedereen zijn hebben en houden op internet en durft om meningen en hulp te vragen. Alles kan en mag veel meer, lijkt het wel. Ik vind het bizar dat iedereen op elk moment van de dag je zou kunnen filmen en online zou kunnen zetten. Maar omdat dit best veel gebeurt en het anderen steeds minder interesseert wat onbekende mensen doen (dit merk ik heel erg in mijn vriendengroep) zal het eigenlijk niet meer zo’n heel erge impact hebben.’
Hoe relaxed ze ook klinken, de trendteamleden gaan er wel bewust mee om. Ze vinden het prettig om controle te hebben over wie er toegang heeft tot hun informatie en zijn zich ervan bewust welke informatie op bijvoorbeeld Facebook standaard openbaar is. Onderzoek van Maurice de Hond liet vorige week zien dat jongeren onder de 30 hun privacy-instellingen op Facebook vaker wijzigen dan oudere gebruikers (zie hier). Anne (24) ‘Online ga ik wel veel bewuster om met de persoonlijke informatie die ik deel, omdat ik dan geen controle en zicht heb over de doeleinden waarvoor die informatie wordt gebruikt.’ Ruben (26) bewaakt zijn privacy ook: ‘Ik Google af en toe mezelf om te kijken of ik nog ergens sporen heb achter gelaten.’ Toen ze jonger waren, waren ze hier minder mee bezig, maar ach, sommige jeugdzonden verdwijnen vanzelf uit het zicht doordat de sociale netwerksites waar ze ooit op stonden uit de lucht gaan. Anne: ‘Ik ben blij dat mijn destijdse CU2, Sugababes en PartyPeeps pagina niet meer terug te vinden is.’
Veel online voorzichtigheid wordt hen ook ingeprent door hun ouders. Boyd: ‘De meeste jongeren om mij heen worden afgeremd door hun doodsbange ouders op het gebied van privacy. ‘Oh pas op hoor, anders kan iedereen je de hele dag bekijken via de camera van je iPhone’…..’ Anne: ‘Mijn ouders zijn nog lekker ouderwets, hebben geen smartphone en communiceren alleen door te bellen, sms’en en e-mailen. Vaak stuurt mijn vader nog wel eens berichtjes door over cybercrime, dat ik moet oppassen enzo, haha. Die beginnen het nu een beetje te leren.’ Anderzijds kijken ze soms ook met verwondering naar wat andere generaties online allemaal delen. Jolijn (24): ‘Ik vind het zo grappig om te zien dat de babyboom generatie privacy nog het minst belangrijk lijkt te vinden. Misschien is dat delen van persoonlijke dingen ook wel een middel tegen vereenzaming?’
Big data
Daan omschrijft het moment dat hij zich bewust werd dat grote bedrijven steeds meer informatie binnen krijgen. ‘Dat was toen Facebook WhatsApp overnam. Want nu konden ze ook al onze gesprekken doorlezen. Gek genoeg is WhatsApp nog steeds ongekend populair. Ik ben het zelf niet minder gaan gebruiken en eigenlijk niemand die ik ken.’ Mauro wijst op het gevaar dat ontstaat wanneer moderne technieken als datamining en open source intelligence verschillende domeinen met elkaar verbinden. Mauro: ‘Eén grapje op internet kan ertoe leiden dat je de VS niet in komt. Dit overkwam twee Britse toeristen die op een Amerikaans vliegveld werden tegengehouden door de douane nadat zij een week eerder een grap hadden gemaakt op internet over destroying America tijdens hun aanstaande feestvakantie. Met alles wat je op internet plaatst, kan je later in een andere omgeving worden geconfronteerd.’
Informatie lekken
En dan kan je zelf wel voorzichtig zijn met informatie delen; de vraag is ook nog eens hoe veilig jouw informatie bij anderen is. Wat als jouw data op straat komen te liggen zonder dat je daar invloed op hebt? Hoe goed zijn bijvoorbeeld medische gegevens beveiligd nu de jeugdzorg via de gemeente verloopt? De trendteamleden kennen uit hun omgeving verhalen van leeftijdgenoten wiens ouders besluiten de kosten van psychologische zorg zelf te betalen omdat ze vrezen dat als de privacy van hun kind op de tocht staat ze voor de rest van hun leven gestigmatiseerd zijn. Drees (20): ‘Op kleine schaal denk ik dat jongeren zich relatief veilig voelen, maar ondertussen weten ze ook wel dat er op grote schaal mee gerommeld wordt en dat fouten op de loer liggen.’
Mauro: “Als ik naar de dokter ga, deel ik met hem bepaalde informatie over mijn gezondheid. Deze informatie deel ik niet met mijn Facebookdomein. Mijn privacy wordt gevormd door de grenzen tussen de informatie die ik deel met mijn huisarts en de berichten op mijn Facebookpagina en de overige gebieden van mijn cirkel.’ Volgens Mauro is het vooral tricky als informatie uit verschillende domeinen gekoppeld wordt. ‘Om al deze redenen mogen mijn generatiegenoten en ik best actiever betrokken raken bij discussies over de risico’s van bepaalde ontwikkelingen en nieuwe technieken met betrekking tot privacy. Misschien dat hierdoor de achterdocht zich dan verder zal ontwikkelen.’ Lena (23) stemt hierin mee. Het idee dat er zoveel vastligt en wordt opgeslagen vindt ze maar eng. ‘Het voelt alleen alsof er weinig andere opties zijn, dus er niet te veel over nadenken lijkt helaas de beste oplossing. Hoewel dit eigenlijk weer stom is, want dit ‘probleem’ zal in de toekomst alleen maar groter worden. Dus is het beter dat we ons meer verdiepen in manieren om onszelf te beschermen..”
En los van falende instanties zijn er de mensen met slechte intenties. Anne:
“Laatst schrok ik wel eventjes. Ik was ‘s avonds thuis op m’n laptopje aan het werk toen ineens het lampje van mijn webcam aanging. Creepy!! Toen ik heel verschrikt in de camera keek ging het lampje weer uit. Zou ik in de gaten worden gehouden?”
Bron: YoungWorks, juni 2015

