Meta wil juridische bescherming tegen claims over schade aan kinderen

Meta voert achter de schermen lobbywerk in Washington om zich beter te beschermen tegen rechtszaken over de impact van sociale media op minderjarigen. Het bedrijf probeert een bepaling te laten opnemen in nieuwe wetgeving die de aansprakelijkheid van platformen aanzienlijk zou beperken.
“Meta probeert niet alleen nieuwe regels vorm te geven, maar ook de juridische gevolgen van zijn eigen platformontwerp te beperken.” — Reuters, op basis van gesprekken met betrokkenen rond de Kids Online Safety Act (KOSA)
Lobby rond nieuwe kinderveiligheidswet
Volgens Reuters heeft Meta voorgesteld om een verregaande immuniteitsclausule op te nemen in de Kids Online Safety Act (KOSA), een wetsvoorstel dat sociale mediabedrijven verplicht om jongeren beter te beschermen tegen schadelijke online ervaringen. De voorgestelde tekst zou online platformen beschermen tegen een groot deel van de rechtszaken die worden aangespannen onder staatswetgeving rond online veiligheid en privacy van minderjarigen. Critici stellen dat zo’n bepaling duizenden lopende procedures zou kunnen ondermijnen.
De timing is opvallend. Meta, YouTube, TikTok en andere platformen worden in de Verenigde Staten geconfronteerd met een groeiend aantal rechtszaken van ouders, schooldistricten en overheden. Zij beschuldigen de bedrijven ervan verslavende functies te gebruiken die bijdragen aan mentale gezondheidsproblemen bij jongeren. Eerder dit jaar verloren Meta en YouTube een belangrijke rechtszaak waarin een jury oordeelde dat hun platformontwerp schadelijk was voor een jonge gebruiker.
Meta: behoefte aan nationale regels
Meta ontkent dat het om een algemene vrijstelling van aansprakelijkheid gaat. Volgens het bedrijf moet de voorgestelde bepaling vooral voorkomen dat er een lappendeken ontstaat van verschillende staatswetten.
Tegenstanders zien dat anders. Zij vrezen dat de voorgestelde bescherming juist op het moment komt waarop technologiebedrijven steeds vaker ter verantwoording worden geroepen voor de gevolgen van hun producten voor kinderen en tieners.
Waarom dit belangrijk is
De strijd rond KOSA gaat uiteindelijk over meer dan regelgeving alleen. De vraag is of technologiebedrijven verantwoordelijk kunnen worden gehouden wanneer hun algoritmen, aanbevelingssystemen en ontwerpkeuzes aantoonbaar bijdragen aan schade bij minderjarigen. De uitkomst van het debat in Washington kan daarom bepalend worden voor de toekomstige aansprakelijkheid van sociale mediaplatformen wereldwijd.

