China zet EU-onderzoek naar JD.com onder druk: ‘Overname MediaMarkt wordt geopolitiek dossier’

 

De geplande overname van MediaMarkt-moeder Ceconomy door het Chinese JD.com groeit uit tot een internationaal politiek en economisch conflict. China heeft organisaties en personen in eigen land opgedragen niet mee te werken aan onderdelen van het Europese onderzoek naar de e-commercegigant. Brussel onderzoekt ondertussen of JD.com dankzij Chinese staatssteun een oneerlijk voordeel kan krijgen bij de overname. Daarmee raakt de zaak niet alleen de retailmarkt, maar ook e-commerce, data, platformstrategie en uiteindelijk de positie van Europese merken tegenover grote Chinese spelers.

Reuters meldde op 19 augustus dat China de Europese aanpak bestempelt als een vorm van ongeoorloofde toepassing van Europese regels buiten de eigen grenzen. Beijing gebruikt daarbij recent aangescherpte regelgeving waarmee Chinese partijen kunnen worden beschermd tegen buitenlandse onderzoeken die China als onrechtmatig beschouwt.

Europa onderzoekt mogelijk voordeel door Chinese staatssteun

De Europese Commissie begon op 28 mei 2026 een diepgaand onderzoek naar de geplande overname van Ceconomy door JD.com. De transactie was eerder, op 17 april, officieel aangemeld in Brussel. Ceconomy is een van de grootste elektronicaretailers van Europa en is onder meer eigenaar van MediaMarkt, Saturn en MediaWorld. Het onderzoek vindt plaats onder de Foreign Subsidies Regulation, de Europese verordening waarmee Brussel sinds 2023 buitenlandse financiële steun kan onderzoeken wanneer die mogelijk de concurrentie binnen de Europese interne markt verstoort. De Commissie concludeerde tijdens het eerste onderzoek dat er voldoende aanwijzingen waren om de zaak nader te bekijken.  De verdenking is nog geen conclusie. De Commissie benadrukt dat de procedure resultaatgericht en open wordt uitgevoerd. Wel kijkt Brussel concreet naar verschillende mogelijke vormen van steun aan JD.com, waaronder financiering tegen gunstige voorwaarden, belastingvoordelen en subsidies die mogelijk aan de Chinese staat kunnen worden toegerekend.

De Commissie schrijft hierover dat de voorlopige analyse wees op:

“sufficient indications of foreign subsidies distorting the EU internal market.” — Europese Commissie

Dat is belangrijk, omdat de Foreign Subsidies Regulation specifiek is ontworpen om te voorkomen dat ondernemingen van buiten Europa met staatssteun Europese bedrijven kunnen overnemen op voorwaarden waarmee niet-gesubsidieerde concurrenten moeilijk kunnen concurreren. Volgens Reuters gaat het om een overnamebod ter waarde van ongeveer 2,5 miljard dollar. JD.com zou daarmee in één beweging een aanzienlijk groter Europees retailnetwerk in handen krijgen.

Beijing zet juridische tegenmacht in

China accepteert de Europese onderzoeksstrategie niet zomaar. Het Chinese ministerie van Justitie en het ministerie van Handel hebben gezamenlijk maatregelen aangekondigd waardoor Chinese bedrijven en personen niet mogen meewerken aan bepaalde Europese informatieverzoeken. Beijing vindt onder meer dat de Europese Commissie buitensporig veel informatie vraagt van Chinese partijen en dat delen van het onderzoek buiten de juridische bevoegdheid van de EU zouden vallen. Reuters omschrijft de Chinese kritiek als een beschuldiging van:

“improper extraterritorial jurisdiction.” — Chinees ministerie van Justitie, via Reuters

South China Morning Post meldt eveneens dat beide Chinese ministeries de Europese aanpak zien als ongepaste extraterritoriale toepassing van regelgeving. Daarmee ontstaat een opvallende situatie: de Europese Commissie heeft voor haar onderzoek informatie uit China nodig, terwijl Chinese regelgeving juist kan verhinderen dat bedrijven die informatie verstrekken. Het betekent niet dat Chinese bedrijven helemaal geen zaken meer met Europese toezichthouders mogen doen. Het Chinese verbod richt zich op specifieke onderzoekshandelingen die Beijing als juridisch ongeoorloofd beoordeelt. Toch kan de maatregel het voor Europese toezichthouders aanzienlijk ingewikkelder maken om financiële relaties, subsidiestromen en overheidssteun te onderzoeken.

Niet de eerste botsing tussen China en Brussel

De JD.com-zaak staat bovendien niet op zichzelf. Volgens Reuters gebruikte Beijing dezelfde juridische aanpak eerder dit jaar bij een Europees onderzoek naar de Chinese beveiligingsapparatuurfabrikant Nuctech. Ook daar mochten Chinese partijen niet zonder meer informatie verstrekken aan Europese onderzoekers. Dat laat zien dat de discussie inmiddels verder gaat dan één retailovername. Europa probeert met nieuwe regelgeving meer grip te krijgen op de economische invloed van buitenlandse staatssteun, terwijl China tegelijkertijd instrumenten ontwikkelt om zijn ondernemingen tegen buitenlandse toezichthouders te beschermen. Daarmee ontstaat feitelijk een conflict tussen twee juridische systemen. Brussel zegt: wie grote overnames op de Europese markt wil doen, moet aantonen dat de concurrentie niet wordt vervalst. Beijing zegt tegelijkertijd dat buitenlandse toezichthouders niet onbeperkt informatie uit China mogen opeisen. Voor internationaal opererende ondernemingen ontstaat daardoor een lastige situatie. Meewerken aan een Europees onderzoek kan botsen met Chinese wetgeving, terwijl niet meewerken de kans kan vergroten dat Brussel voorwaarden stelt of uiteindelijk een transactie blokkeert.

MediaMarkt maakt de zaak extra relevant

Voor Europese retailers en marketeers is de zaak vooral interessant vanwege Ceconomy. MediaMarkt en Saturn beschikken in meerdere Europese landen over omvangrijke fysieke winkelnetwerken, webshops, klantendata, advertentiemogelijkheden en logistieke infrastructuur. De overname gaat daardoor om veel meer dan het verkrijgen van winkels. JD.com is in China niet alleen retailer, maar exploiteert ook een groot e-commerceplatform en biedt technologie- en logistieke diensten aan. De Europese Commissie beschrijft het concern expliciet als een onderneming die actief is in retail, online marktplaatsen, logistiek en technologie. Een overname van Ceconomy zou JD.com daardoor toegang kunnen geven tot een omvangrijk Europees omnichannel-ecosysteem. Denk aan winkels, webshops, distributiecentra, retailmedia, transactiedata en langdurige relaties met elektronicamerken. Voor merken kan dat op termijn gevolgen hebben voor de manier waarop zij producten distribueren, promoten en inkopen bij grote elektronicaretailers.

Ook retailmedia en klantdata kunnen veranderen

Juist voor marketeers is de ontwikkeling rond retailmedia relevant. Grote retailers gebruiken hun eigen websites, apps, winkeldata en klantprofielen steeds vaker om advertentieruimte aan merken te verkopen. Amazon heeft laten zien hoe waardevol deze combinatie van commerce en advertising kan worden. MediaMarkt ontwikkelt eveneens retailmedia-activiteiten. Wanneer een grote technologie- en e-commercepartij als JD.com invloed krijgt op het achterliggende ecosysteem, kan dat op termijn leiden tot verdere integratie van advertising, commerce, data en logistiek. Dat betekent niet dat JD.com automatisch Chinese technologie of datasystemen binnen MediaMarkt zal invoeren. Daarvoor gelden Europese privacy-, concurrentie- en andere wettelijke regels. Wel maakt de combinatie duidelijk waarom dergelijke overnames steeds vaker verder worden bekeken dan alleen vanuit klassieke winkelomzet.

Voor marketeers wordt de vraag daarmee steeds relevanter wie eigenaar is van het platform waarop consumenten zoeken, vergelijken en kopen.

Deadline nadert voor Brussel

De Europese Commissie moet volgens haar eigen procedure uiterlijk op 2 oktober 2026 een besluit nemen over de transactie. Brussel heeft daarbij verschillende mogelijkheden. De Commissie kan de overname zonder bezwaren goedkeuren, voorwaarden of toezeggingen verlangen of de transactie uiteindelijk verbieden wanneer een verstoring van de interne markt niet voldoende kan worden weggenomen. Reuters meldde in juli al dat JD.com formeel op de hoogte was gebracht van de zorgen van de Europese toezichthouder. Daarbij werd ook de mogelijkheid genoemd dat JD.com concessies zou moeten doen om toestemming voor de overname te krijgen. De Chinese tegenmaatregel maakt dat proces ingewikkelder. Wanneer belangrijke informatie niet beschikbaar komt, kan dat de bewijsvoering en beoordeling door Brussel bemoeilijken. Tegelijk kan gebrek aan medewerking juist nieuwe risico’s opleveren voor de overname.

Van retaildeal naar geopolitieke concurrentiestrijd

De zaak rond JD.com en Ceconomy laat daarmee goed zien hoe retail, technologie en geopolitiek steeds verder met elkaar verweven raken. Waar grote internationale overnames vroeger vooral werden beoordeeld op marktaandeel en concurrentie, kijken toezichthouders nu ook nadrukkelijk naar staatssteun, financieringsconstructies, data, technologie en strategische economische afhankelijkheid. Voor Europese bedrijven betekent dit dat de herkomst van investeringen steeds belangrijker wordt. Voor Chinese ondernemingen wordt Europese expansie tegelijkertijd juridisch complexer.

De voorgenomen overname van MediaMarkt-moeder Ceconomy is daarmee uitgegroeid tot een testcase voor de nieuwe economische machtsverhoudingen tussen Europa en China. Voor marketeers en retailers is vooral de bredere ontwikkeling relevant: de strijd om consumentendata, e-commerce, logistiek en retailmedia wordt steeds minder alleen door marktpartijen bepaald. Overheden en toezichthouders spelen een steeds grotere rol in wie toegang krijgt tot de Europese consument.

 

Patrick Petersen

Patrick Petersen RDM MA MSc is expert in AI, marketing en digitale innovatie. Als spreker, docent, onderzoeker en prijswinnend auteur helpt hij organisaties groeien met slimme combinaties van technologie, data en creativiteit. Hij schrijft onder meer voor MarketingReport, Adformatie en MarketingTribune en geldt als AI-, retail- en marketingexpert voor media als De Telegraaf, Metronieuws en Distrifood. Zijn boeken, waaronder Handboek Online Marketing, Handboek.AI en GenAI voor Professionals, behoren tot de standaardwerken in het vakgebied.