Meta gebruikt werknemersgedrag om AI te trainen

image 13

Meta Platforms verzamelt steeds gedetailleerdere gegevens van werknemers om kunstmatige intelligentie te verbeteren. Het gaat niet alleen om simpele statistieken, maar om precies hoe mensen met computers werken: waar ze klikken, hoe ze navigeren en welke keuzes ze maken.

Het doel is om AI-systemen te bouwen die menselijke handelingen kunnen nabootsen. In plaats van alleen tekst of afbeeldingen te analyseren, leert de AI nu direct van echt gedrag op een scherm. Dat is een belangrijke stap richting zogenaamde “AI-agenten” die zelfstandig taken kunnen uitvoeren, zoals documenten bewerken, software bedienen of workflows uitvoeren.

Hoe deze technologie werkt

De systemen registreren continu interacties tussen mens en computer. Denk aan muisbewegingen, toetsenbordgebruik en hoe iemand door programma’s klikt. Dit soort data wordt in de Verenigde Staten vaker gebruikt in AI-onderzoek, bijvoorbeeld bij bedrijven als Microsoft en Google, waar men experimenteert met AI die volledige computertaken kan overnemen. Door wel duizenden uren aan gebruikersgedrag te analyseren, ontstaat een dataset die laat zien hoe mensen problemen oplossen. AI kan daar patronen in herkennen en die vervolgens zelf toepassen. Het verschil met oudere AI is dat deze systemen niet alleen “denken”, maar ook “handelen” binnen softwareomgevingen.

The next wave of AI is about systems that can take actions on your behalf, not just generate content.

~ (The Wall Street Journal)

Waarom Amerikaanse techbedrijven hierop inzetten

In de VS is er een duidelijke verschuiving zichtbaar: AI moet niet alleen antwoorden geven, maar werk uitvoeren. Grote techbedrijven investeren daarom in technologie die menselijke productiviteit kan nabootsen of zelfs vervangen; Meta ziet hierin een kans om concurrerend te blijven. Door echte werknemersdata te gebruiken, kan het bedrijf sneller AI ontwikkelen die praktisch inzetbaar is. Dit sluit aan bij bredere trends in Silicon Valley, waar bedrijven proberen digitale assistenten te bouwen die functioneren als virtuele medewerkers.

Kritiek en zorgen over privacy en werk

Tegelijk roept deze aanpak vragen op. Het volgen van werknemers op dit niveau voelt voor sommigen als vergaande controle. Zelfs als de data bedoeld is voor AI-training, geeft het werkgevers inzicht in gedrag en werkpatronen. Amerikaanse media zoals The New York Times en Bloomberg wijzen erop dat dit soort technologie een dubbel effect heeft. Aan de ene kant maakt het werk efficiënter, aan de andere kant kan het leiden tot minder banen of meer druk op werknemers. De kern van de discussie is dat werknemers nu feitelijk bijdragen aan systemen die hun eigen werk deels kunnen overnemen. Dat maakt deze ontwikkeling niet alleen technologisch interessant, maar ook maatschappelijk gevoelig.

R.J. Hoeffnagel

Schrijft op het randje van ICT - social - marketing AI - en alles wat we t(r)endentieus achten. Ik deed dat ooit voor veel techmagazines.